Een nauwkeurigere versie is:
Wanneer het certificaat (CvO/CBB) van uw binnenvaartschip is verlopen, mag het schip in principe niet meer worden gebruikt voor de vaart totdat het weer over een geldig certificaat beschikt. Om de hercertificering te regelen, moet u zo snel mogelijk actie ondernemen.
1. Neem direct contact op met een erkende keuringsinstantie
Meld dat het certificaat is verlopen. Een erkende keuringsinstantie (zoals NBKB, Register Holland of Bureau Scheepvaart Certificering) kan beoordelen welke inspecties nodig zijn en de hercertificering zo snel mogelijk inplannen.
2. Vraag indien nodig een vergunning voor verplaatsing aan
Als het schip voor de keuring of droogzetting naar een werf moet worden verplaatst, kan daarvoor toestemming van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) nodig zijn. De ILT kan onder voorwaarden een tijdelijke toestemming of vergunning voor verplaatsing verlenen. Daarbij kunnen beperkingen gelden, zoals een vaste vaarroute, begeleiding of aanvullende veiligheidsmaatregelen.
3. Laat beoordelen welke technische eisen van toepassing zijn
Een verlopen certificaat betekent niet automatisch dat het schip aan alle actuele nieuwbouweisen van ES-TRIN moet voldoen. Welke eisen gelden, hangt af van onder meer:
- de duur van het verlopen certificaat;
- de toepasselijke overgangsbepalingen;
- eventuele verbouwingen of wijzigingen aan het schip;
- de beoordeling door de keuringsinstantie en de ILT.
Daarom is het verstandig dit zo snel mogelijk met de inspecteur te bespreken, zodat duidelijk is of aanvullende technische aanpassingen noodzakelijk zijn.
4. Informeer uw verzekeraar
Neem direct contact op met uw verzekeraar. Een verlopen certificaat kan gevolgen hebben voor de dekking, afhankelijk van de polisvoorwaarden en de omstandigheden. De verzekeraar kan aangeven welke dekking nog geldt tijdens stilstand of een toegestane verplaatsing.


